Ongelooflijk hoeveel nieuwe goeie muziek er wordt uitgebracht. Je zou bijna vergeten dat er vroeger (dat klinkt al oubollig) ook ongelooflijk goeie muziek werd gemaakt. En eigenlijk is die muziek de basis voor de pareltjes die nu uitkomen. In deze rubriek wil ik de pareltjes die vanaf 1930 zijn uitgekomen onder de aandacht brengen want het zou o zo zonde zijn als die muziek in de vergetelheid zou komen. Want wat is nou leuker om een ontzettend goeie plaat te ontdekken van musici waar je eigenlijk nog nooit van hebt gehoord. Als we focussen op de periode 1930-2000 dan kan ik zo maar honderden of misschien wel duizenden platen noemen die zeker het beluisteren en bespreken waard zijn. Dagelijks ben ik nog op zoek naar nieuwe ‘oude’ pareltjes die in die periode zijn uitgegeven. Ik speur platenzaken af, platenbeurzen, Discogs en andere kanalen en vind daar vaak verrassende beauty’s. In deze rubriek wil ik telkens een aantal platen bespreken. Terwijl ik schrijf luister ik naar de platen en dan hoop ik dat jullie evenveel plezier hebben in het lezen van mijn stukjes als ik heb bij het schrijven en beluisteren. En wellicht introduceer ik weer nieuwe ‘oude’ jazz bij jullie.

Charles Lloyd – Forest Flower

 

 

Als je in 1966 naar het Monterey Jazz Festival in Monterey, California gegaan zou zijn, dan had je daar dit concert kunnen horen. Net als bij het North Sea Jazz Festival had je ook in 1966 een fantastisch aanbod en daarom zou het heel moeilijk zijn geweest om keuzes te maken. Wie speelden daar allemaal in 1966? Duke Ellington, Dave Brubeck, Carmen McRae, Cannonball Adderley, Randy Weston en nog veel meer, maar ook Charles Lloyd met een fantastische bezetting namelijk Cecil McBee op contrabas, Jack DeJohnette op drums en Keith Jarrett op piano. In datzelfde jaar had hij met deze bezetting de lp Dream Weaver opgenomen en dat was de eerste plaat met deze bezetting. Gek genoeg spelen ze geen enkel nummer van die plaat. Tenminste…. geen enkel nummer van Dream Weaver staat op Forest Flower, het zou echter heel goed kunnen dat ze wel een compositie tijdens het Monterey-festival hebben gespeeld maar dat de platenmaatschappij Atlantic besloot om die nummers niet op Forest Flower te zetten. 

Maar wie is Charles Lloyd eigenlijk? Hij is een, in Amerika in 1938 geboren tenorsaxofonist en fluitist. Voordat hij aan zijn solocarrière begon, speelde hij onder andere bij drummer en bandleider Chico Hamilton. Zijn stijl zou je als postbop, progressieve jazz kunnen omschrijven. Creatief, aandacht vragend, boeiend, verrassend, dynamisch en nog meer. De lp Forest Flower was gelijk bij het uitkomen enorm populair en was een van de eerste jazz-lp’s waar al snel meer dan een miljoen exemplaren van werd verkocht. Maar ja, wat wil je met topmusici als Charles Lloyd, Keith Jarrett, Cecil McBee en Jack DeJohnette… dat moet garant staan voor een boeiend concert. Ik ken het schema niet van het 1966 Monterey Jazz Festival, maar waar moet je naar toe gaan als je dit concert hebt meegemaakt? Oké, ik zou nog wel nieuwsgierig zijn naar Cannonball Adderley want die speelde toen samen met onder andere Joe Zawinul en dat moet ook geweldig geweest zijn. 

Tony Williams Lifetime – Emergency

 

 

Als je naar Seven Steps to Heaven van de gelijknamige lp van Miles Davis luistert en dan vooral even focust op de drummer, dan hoor je een ontzettende swing. Veroorzaakt door Tony Williams die in het toenmalige Miles Davis Ouintet speelde met George Coleman, Herbie Hancock, Ron Carter. Die plaat is opgenomen in 1963. Tony Williams was toen 18 jaar oud, maar had toen al een fabelachtige ongepolijste techniek. En als je dan gaat luisteren naar de zes jaar later opgenomen dubbel-lp Emergency van de Tony Williams Lifetime-band, dan hoor je dezelfde Tony Williams maar in een volledig andere stijl. Jazzrock van het hoogste niveau met misschien wel de nadruk op rock. 

Emergency was de eerste lp van het door Tony Williams opgerichte trio met gitarist John McLaughlin en organist Larry Young. Bij het uitkomen van het album vonden critici het meer een rockplaat dan een jazzplaat. Maar wellicht was men in 1969 nog niet zo gewend aan deze stijl. In datzelfde jaar nam Miles Davis zijn Bitches Brew en ook die fusionplaat schuurt dicht tegen de rock aan. Ook hier speelt John McLaughlin een prominente rol. Tony Williams zingt ook op deze plaat en heeft een ietwat monotone stem maar dat past heel mooi onder andere bij het geheimzinnige nummer Via the Spectrum Road wat John McLaughlin schreef in een ongebruikelijke 11/8 maatvoering. 

Er zit een ontzettende energie in de plaat en luisterend begrijp je heel goed waarom deze band onder de categorie Power Trio valt. Hoewel de naam van de band Tony Williams Lifetime is en dus zijn naam draagt, hebben de andere twee leden evenveel inbreng gehad. Het laatste nummer is Something spiritual en is geschreven door violist Dave Herman. Op de cd wordt dit nummer soms foutief Something Special genoemd. John McLaughlin heeft het ook op zijnalbum My Goal’s Beyond uit 1971 gespeeld, maar je moet een goeie analist zijn om het te herkennen. 

Toots Thielemans – Captured Alive

 

 

Toots Thielemans heeft natuurlijk geen introductie nodig. Maar toch wil ik graag nog iets over hem vertellen om te voorkomen dat je alleen maar aan de vriendelijke Belgische mondharmonicaspeler denkt. Weet je met wie hij allemaal heeft samengespeeld? Miles Davis, Ella Fitzgerald, Peggy Lee, Quincy Jones, Paul Simon, Astrud Gilberto, Benny Goodman, Charlie Parker en nog veel en veel meer. En ja, de filmmuziek van Turks Fruit is mooi, Midnight Cowboy ook maar hij heeft nog veel meer mooie en goeie muziek gemaakt. 

De titel van de plaat Captured Alive lijkt te verwijzen naar een live concert, maar dat is niet zo. De plaat is opgenomen bij producer Gerry McDonald thuis en naast Toots Thielemans werd een fantastisch Amerikaanse ritmesectie uitgenodigd om de plaat op te nemen: Joanne Brackeen op piano, Cecil McBee op contrabas en Freddy Waits op drums. Toots Thielemans had Joanne Brackeen in datzelfde jaar (1974) voor het eerst ontmoet tijdens een concert waar hij gastsolist mocht zijn. Snel daarna organiseerde producer Gerry McDonald een opnamesessie in zijn privéstudio. 

Ik vind het echt Toots Thielemans’ beste plaat. De band klinkt als één geheel, alsof ze al jaren met elkaar spelen. Toots Thielemans is hier een fantastische solist op zijn mondharmonica en er ontstaat een natuurlijke samenwerking tussen Brackeen en hem. Ze spelen maar één nummer van Thielemans zelf: Dr. Pretty. Maar dat is, voor zover ik weet, nooit op een andere plaat van Toots Thielemans uitgebracht. 

Daarnaast staat er een schitterende uitvoering van John Coltrane’s Giant Steps op deze plaat met een, één volle minuut durend intro van Toots Thielemans, gevolgd door een minstens zo interessant intro van Brackeen. Met z’n tweeën spelen ze solerend, improviserend het hele nummer. Je hoort duidelijk dat dit een opname-take is waar ze alle twee heel enthousiast over moeten zijn geweest na afloop. Niks afgesproken, het gewoon laten gebeuren. Razend knap. 

Waarom vind ik dit nou Toots Thielemans’ beste plaat? Hij is niet zo grijs gedraaid als Turks Fruit (niks mis mee hoor), je hoort een duidelijke invloed van Joanne Brackeen en de andere bandleden en je hoort dat de vier muzikanten een kick krijgen van deze opname. Het laatste stuk Snooze is een nummer van Brackeen en is spannend van begin tot het eind met een boeiende samenwerking tussen contrabassist McBee en Brackeen. Luister maar naar de enthousiaste reactie van Toots Thielemans aan het eind van het nummer. 


Tekst René de Haas

 

Advertenties

Advertentie aubergine
jb137 banner
Gif ook schrijven voor jazznu2
TilburgsAns